EEN ZOEKTOCHT DOOR DE WERELD

 

                                  VAN HET PARANORMALE

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

                                    Met welke krachten komen wij in aanraking?

 

 

 

 

                                                              drs. Martie Dieperink

 

 

 

 

 

 

 

INHOUD

 

 

Deel I:

 

1.      Wat is paranormaal?                                                                                 3

 

2.      Engelen en demonen                                                                               10

 

3.   Het onderscheiden der geesten                                                              16

 

 

Deel II:

 

4. De verborgen Christus                                                                              23

 

5. Channeling                                                                                                  30

    Communicatie met geesten – trance - technieken – hekserij

 

6. Jezus-channeling                                                                                        41                                                                                           

   Valse Jezussen –  Een cursus in wonderen

 

 

 

Deel III:

 

7. Oosterse meditatie                                                                                     47

    Zenboeddhisme – Transcendente Meditatie –  het Tibetaanse boeddhisme

 

8. Helderziendheid in verleden en toekomst                                                            55

    Reïncarnatie – bijna-doodervaringen – toekomstvoorspellingen

 

9. Genezing door kosmische energie                                                                        63

    Yoga – magnetisme – reiki

 

10. Bevrijding                                                                                                 73

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ó paranormal-ministry.com – Martie Dieperink

 

1. WAT IS PARANORMAAL?

 

Op zoek naar het paranormale

 

De mens van deze tijd is op zoek. We zoeken naar een beetje geluk of ontspanning en als we religieus ingesteld zijn, gaan we op zoek naar God of, zoals velen het tegenwoordig liever zeggen, naar het goddelijke.

Velen zijn zoekende geworden, want als mens van deze tijd zijn we vaak niet meer zo vast overtuigd van de oude zekerheden die we misschien nog in de kerk hebben geleerd. We willen graag zelf op ontdekkingsreis gaan en nieuwe gebieden onderzoeken. Zoeken is op zichzelf een goede zaak. In de Bijbel wordt ons beloofd: “Wie zoekt zal vinden.” Dit heb ik zelf jarenlang gedaan als een van de vele zoekende mensen.

Van huis uit had ik interesse voor het paranormale meegekregen. Ik was zelf ook paranormaal gevoelig. Tijdens mijn theologiestudie in de jaren zestig raakte ik in de ban van oosterse godsdiensten. Ik las veel boeken over het paranormale en oosterse godsdiensten en volgde ook de colleges in parapsychologie bij prof. Tenhaeff. Ik ben zelfs een jaar in India geweest in een ashram, een gemeenschap waar ik me nader in de yoga verdiepte en contact had met een goeroe. Wat me vooral aantrok was het feit dat yogi’s zeiden dat ze God hadden ervaren. Ik verlangde naar een levende Godservaring. En zo hoopte ik in India God te vinden. Twintig jaar lang was ik nauw betrokken bij de New Age beweging.

 

Velen geloven dat er in dit nieuwe millennium een hele nieuwe tijd zal aanbreken, New Age, een tijd vol licht, liefde en vrede. New Agers geloven dat wij in staat zijn om in eigen kracht dit paradijs op aarde te maken. We zouden volgens hen ons bewustzijn nog maar amper hebben ontwikkeld. Als we ons bewustzijn verder gaan ontwikkelen, zouden we over ongekende vermogens kunnen beschikken. Dan kunnen we met geesten gaan communiceren, helderziend worden en kosmische krachten benutten om anderen en onszelf te genezen van welke kwalen ook. Er is in onze postmoderne tijd een enorme hang naar paranormale ervaringen. Paranormale ervaringen zijn ervaringen die de normale zintuiglijke ervaringen te boven gaan. Er zijn mensen die dingen horen, ruiken, zien, weten of voelen die anderen niet waarnemen. We kunnen bijvoorbeeld met onze gewone ogen geen engelen waarnemen. Toch komt het voor dat mensen zeggen dat ze engelen zien. Lijkt dat niet uiterst interessant en erg aantrekkelijk?

Prinses Irene die ook New Ager is geworden, schrijft in haar boek Dialoog met de Natuur:

“Het was dus waar geweest wat Mary (een vriendin) zei, het leren lezen van energieën die in de chakra’s en de aura’s en daaromheen zijn, en al die energieën die nog wat verder weg om ons heen zijn, had inderdaad ook in mijn gaven-pakket gezeten. Dat ontdekte ik tenminste toen ik cursussen ging volgen om voeding te geven aan mijn gigantische nieuwsgierigheid om áchter de dingen te kijken.”[1]

 

Er zijn tegenwoordig genoeg mogelijkheden om deze spirituele nieuwsgierigheid te stillen: New Age boeken zijn overal te koop en er zijn genoeg paranormale beurzen waar we heen kunnen gaan. De Harry Potter-boeken openen voor kinderen de wereld van de magie.

 

Een andere wereld

 

De hypnotherapeut Van der Heide heet ons als volgt welkom op een paranormaal beurs:

“Van harte welkom op de Paranormale Beurs van View. In elke provincie en in vele steden organiseert View reeds jaren goed bezochte ‘para- en gezondheidsmarkten.’ Alles gericht op spirituele, paranormale en alternatieve geneeswijzen en hulpverlening. Bezoekers en alternatieve werkers zijn allen op zoek naar de factor X in het leven. Waarbij niemand de wijsheid in pacht heeft! Wij praten met z’n allen over geesten, spookhuizen, chakra’s, beschermengelen, helderziendheid, magnetiseren, het geloof, sterren, de sferen… maar NIEMAND weet eigenlijk precies hoe het leven, DE GEEST, de kosmos precies in elkaar steekt. Niemand weet precies hoe God, Jezus, Maria, Allah of Krishna alles heeft bedoeld.”[2]

We kunnen uit de woorden van de hypnotherapeut opmaken dat we in een andere denkwereld terechtkomen, als we op zoek gaan naar nieuwe mogelijkheden en paranormale ervaringen. Dit nieuwe denken verschilt wezenlijk van het traditionele christelijke denken dat veel mensen, in ieder geval de ouderen, van huis uit nog hebben meegekregen. De oude zekerheden worden nu verruild voor een nieuwe onzekerheid. Voor de hypnotherapeut Van der Heide is alles niet zo zeker meer.

Maar gaan we er werkelijk op vooruit als we de oude zekerheden inwisselen voor een nieuwe onzekerheid? Is het niet gevaarlijk om met krachten in zee te gaan waarvan men niet werkelijk weet wat voor krachten het zijn? Stel je voor dat we in een moeras terechtkomen waar we in wegzinken? We willen in dit boek dan ook onderzoeken met wat voor krachten wij daar in aanraking komen.

 

Als we op reis gaan naar een voor ons onbekende plaats, dan nemen we voorzorgsmaatregelen. Als ik op reis ga, neem ik bijvoorbeeld een kaart mee, om de weg goed te kunnen vinden. Moeten we ook geen voorzorgsmaatregelen nemen, als we op ontdekkingsreis gaan in een onbekende geestelijke wereld? Volgens de hypnotherapeut Van der Heide kunnen we het beste op ons eigen gevoel vertrouwen. Hij schrijft:

“Er gaat niets boven uw eigen intuïtie als het handelt over het eigen bestaan. Het leven is de kunst om naar je eigen gevoel te leren luisteren!”

Maar als ik op weg ga naar een onbekende bestemming, en me alleen door mijn eigen gevoel laat leiden, kan ik gemakkelijk verdwalen. Mijn eigen oriëntatievermogen kan falen. Ik ben zelf iemand geweest die besluiten nam op grond van mijn eigen gevoel. Zo had ik een intuïtie dat ik naar India moest gaan om daar mijn geluk te vinden. Achteraf is duidelijk geworden dat dit helemaal geen juiste beslissing is geweest. Ik heb ervaren dat eigen intuïties en subjectieve gevoelens bedrieglijk kunnen zijn. Net zoals in de normale wereld hebben we ook in de geestelijke wereld een betrouwbare objectieve reisgids nodig, als we op ontdekkingsreis gaan.

 

Maar het is in onze tijd verdacht om dingen met zekerheid te weten. Het verwijt wordt nog wel eens geuit, als je getuigt dat je een zeker houvast hebt: “Jij weet alles zo zeker, alsof je God in je vestzakje hebt.” Het is waar, we kunnen in ons gevoel van zekerheid gauw hoogmoedig worden en denken dat wij alles zo goed weten, maar is het verkeerd om over onze levensbestemming zekerheid te hebben? Een kaart geeft toch ook duidelijk aan hoe we op onze plaats van bestemming moeten komen? We zijn toch niet tevreden met een kaart die alleen vage lijnen tekent?

Als de factor X, God, waarlijk liefde is, - ook de hypnotherapeut Van der Heide spreekt over DE LIEFDE – zou Hij dan mensen in het onzekere laten over hun eeuwig wel en wee? Als God tenminste een persoon is. Maar liefde veronderstelt een persoon. Een steen kan niet liefhebben. Als die liefde bestaat  en God liefde is, zou Hij dan niet een weg ten leven tonen en ons een betrouwbare reisgids meegeven? Daarom willen we in ons boek ook naar objectieve richtlijnen zoeken die ons helpen te onderscheiden met wat voor krachten we in die wereld van het paranormale te maken krijgen.

 

Kunnen we daarbij van de Bijbel gebruik maken? Velen huiveren bij het idee dat de Bijbel de absolute waarheid zou vertolken.  Het nieuwe denken is niet alleen veel vager, maar relativeert ook sterk. Zoals Van der Heide aangeeft, kunnen in dit nieuwe denken  Boeddha, Jezus en Krishna gewoon naast elkaar staan. Waarom zou de Bijbel wel waar zijn en de boeken van de Hindoes niet? Tegenwoordig ervaren we het gauw als een vorm van discriminatie als we het ene wel goed vinden en het andere verkeerd.

In New Age kringen wordt de Bijbel wel als een interessant religieus boek beschouwd, maar er wordt ook geregeld afwijzend over gesproken. De New Agers geven als reden voor die afwijzing aan dat de Bijbel een boek is uit het voorbijgegane Vissentijdperk en dus verouderd is. Maar dit kan niet het eigenlijke argument voor deze afwijzing zijn, want de boeken van de Hindoes zijn ook heel oud en die zijn bij New Agers wel erg in trek. Zij worden niet als verouderd beschouwd. Er gaat inderdaad veeleer een ander motief verscholen achter die afwijzing. De Bijbel waarschuwt ernstig voor praktijken die door New Agers worden gepropageerd zoals het oproepen van geesten. Dat wekt uiteraard verzet op. John Klimo schrijft in zijn boek over channeling:

“Voor zover de kerken uit zijn op het exclusieve recht op contact met dat wat de dagelijkse werkelijkheid overstijgt en met het bewustzijn, en voor zover zij channeling als afgodendienst en het heulen met ‘onbekende geesten’ verbieden, ontkennen zij wat hun rol zou moeten zijn van: ons helpen bij het op eigen wijze nieuwe verbindingen maken met onze gemeenschappelijke bron als onderliggende werkelijkheid.”[3]

Hier wordt de kern van het probleem zichtbaar. Het christelijke standpunt lijkt zo eng. Zo ervoer ik dat persoonlijk ook. Dat in de Oude Testament het oproepen van geesten werd verboden, was voor mij ook een verouderd standpunt. We konden er nu ruimer over denken en ik bezocht ook tijdens mijn studententijd ettelijke malen een spiritistische seance. Alles wat negatief lijkt, namelijk het bestaan van de hel, een duivel, de antichrist en demonen, verdween uit mijn gedachten. Daar denk je toch liever niet aan. En zo worden vaak deze “verouderde” zaken weggewuifd als bangmakerij uit vroegere tijden. Wij zijn meer “verlicht”.

 

Zo lijkt het alsof twee denkwerelden op elkaar botsen. Christenen en New Agers lijken elkaar niet te kunnen verstaan. In het postmoderne denken kunnen verschillende waarheden naast elkaar bestaan  - jij hebt jouw waarheid en ik de mijne – maar dat maakt de eigenlijke kloof niet minder groot. Ik ken de beide werelden uit eigen ervaring en ik weet hoe groot het verschil is. Het gaat niet om nuanceverschillen, maar om een fundamentele kloof. Wat we in dit boek willen onderzoeken is wat voor botsing van geesten achter dat alles schuilgaat. Kan het conflict wijzen op een strijd tussen machten en krachten in de onzienlijke geestenwereld? Is het wel waar dat het bij alle religieuze ervaringen om dezelfde gemeenschappelijke bron gaat?

 

Het is inderdaad niet goed om ons bekrompen op te stellen. Graag wil ik me nog steeds zo ruim mogelijk opstellen. Als we zoeken naar een afdoend antwoord op de vraag met welke machten en krachten we in de paranormale wereld te maken hebben, moeten we ons zo ruim mogelijk oriënteren. Dat betekent dat we New Age ervaringen serieus nemen, maar dan mogen we ook de Bijbel daarbij niet negeren. Ik ga daarom bij mijn onderzoek van de paranormale wereld te rade, en bij mijn persoonlijke ervaringen, en bij New Age literatuur en bij de Bijbel. Het zou wel eens kunnen blijken dat de Bijbel niet een verouderd, maar juist een hoogst actueel boek is.

 

Paranormaal bestaat

 

Een tijd lang waren westerlingen, daar ze voor het grootste deel overtuigde rationalisten waren, maar zelfs ook christenen niet geïnteresseerd in wonderen en in het bestaan van een geestenwereld. Het leek wel of de Bijbel alleen uit dogmatiek bestaat. En als er al wonderen in de Bijbel voorkomen, dan kunnen ze nu niet meer gebeuren. Dan wordt het ook begrijpelijk dat mensen hun verlangen naar het paranormale eerder in het alternatieve circuit bevredigd zien. Mensen gaan naar Jomanda, want daar gebeurt tenminste wat.

 

Maar in onze tijd begint het geloof in wonderen, ook onder christenen, weer toe te nemen. De godsdienstsocioloog H. Stoffels zei in zijn oratie op 22 februari 2002 dat in wonderen geloven weer màg. Een onderzoek uit 1998 toonde aan dat 40% van de Nederlandse bevolking in het bestaan van wonderen gelooft.

Het eerste wat we over paranormale ervaringen kunnen zeggen is dat ze bestaan. We kunnen ze niet als louter verbeelding of inbeelding afdoen. Als mensen tegen ons zeggen dat ze paranormale ervaringen hebben, laten we hen dan serieus nemen. Laten we eerst naar hun verhaal luisteren.

Prof. Tenhaeff probeerde in de jaren zestig van de vorige eeuw, toen ik college bij hem liep, met talloze voorbeelden te bewijzen dat telepathie en helderziendheid bestaan. Helderziendheid betekent dat je in de toekomst kunt zien. Zelf had ik voorspellende dromen. Een keer droomde ik dat mijn grootmoeder tegen me zei dat ze op reis ging. Ik wist uit een boek over dromen dat dit kon betekenen dat ze zou sterven.  Dat is ook gebeurd.

Telepathie betekent dat je een buitenzintuiglijk contact met anderen hebt. Om een voorbeeld te geven. Je hebt het idee om een vriendin te gaan bellen en als je naar de telefoon loopt, belt die vriendin jou. Ik had geen moeite om met prof. Tenhaeff te geloven dat er paranormale ervaringen bestaan, omdat ik ze zelf had.

Spontane telepathie is vrij gewoon. De meeste mensen hebben wel eens zoiets beleefd of een voorspellende droom gehad. Er zijn randgebieden van het paranormale. We hoeven dergelijke ervaringen nog niet gelijk bovennatuurlijk of een groot wonder te noemen.

 

Daarnaast vinden we in de paranormale wereld opvallende ervaringen die we niet zomaar, zonder meer, puur natuurlijk kunnen noemen. Deze gaven worden gewoonlijk door een training of inwijding ontwikkeld. We kunnen ze als volgt classificeren.

 

 

 

 

We zullen nu nader zien wat voor soort bijzondere ervaringen we zowel in de Bijbel als in de alternatieve wereld van het paranormale vinden.

 

Bijzondere ervaringen in de Bijbel

 

In de Bijbel zijn er verhalen die getuigen van ervaringen die de normale zintuiglijke ervaring te boven gaan. Als we het begrip “paranormaal” ruim verstaan en het betrekken op alle ervaringen die boven het zintuiglijke uitgaan, dan kunnen we de Bijbel het meest paranormale boek ter wereld noemen. Van het begin tot het einde is er sprake van wonderen.

Er zijn tegenwoordig theologen die beweren dat de wonderen in de Bijbel nooit echt gebeurd zijn. Het zouden sprookjes zijn, want die wonderen bestaan in feite niet. Dit is opmerkelijk omdat in onze postmoderne tijd juist de interesse voor paranormale ervaringen is teruggekeerd. Mensen die in het paranormale zijn geïnteresseerd, zullen dan ook geen moeite hebben met de bewering dat de Bijbel geen boek is dat sprookjes vertelt. Het vertelt verhalen die echt gebeurd zijn. Mensen hebben werkelijk engelen gezien. Ook nu kunnen we opmerkelijke dingen zien gebeuren. De wonderen zijn de wereld nog niet uit. Laten we nu eens enkele voorbeelden van bijzondere paranormale ervaringen in de Bijbel noemen.

 

1. Er zijn mensen die een voorspellende gave hebben.

Jozef had voorspellende dromen.

“Eens had Jozef een droom en toen hij die aan zijn broers vertelde, werd hun afkeer nog groter. Hij zei: ‘Moet je horen wat ik gedroomd heb! Wij waren op het land om schoven te binden. Ineens richtte mijn schoof zich op en bleef recht overeind staan; die van jullie gingen er in een kring omheen staan en maakten een buiging voor de mijne.’ “Dacht jij koning te worden? Dacht jij over ons te kunnen regeren?’ riepen zijn broers. Zij kregen een steeds grotere hekel aan hem om wat hij droomde en over hen vertelde” (Gen. 37:5-8).

De profeet Jesaja voorzegde dat er een maagd geboren zou worden, die de Verlosser ter wereld zou brengen.

“Daarom zal de Heer u ongevraagd een teken geven: uw jonge vrouw is zwanger, zij zal een zoon ter wereld brengen en hem Immanuël, ‘God-met-ons’, noemen” (Jes. 7:14).

De profeet Daniël kreeg openbaringen over de eindtijd.

“Er zal een tijd van grote rampen aanbreken. Sinds er volken bestaan, is er nog nooit zo’n tijd geweest. Maar wie van je volk dan staan opgetekend in Gods boek, worden gered” (Dan. 12:1).

Ook in het Nieuwe Testament zijn er profeten met een voorzeggende gave. Agabus is er zo een.

“Een van hen, een zekere Agabus, voorspelden, door de werking van de Geest, dat er over de hele wereld een zware hongersnood zou komen. Die is gekomen onder keizer Claudius” (Hand. 11:28).

Van de Heilige Geest wordt gezegd:

“Maar wanneer de Geest van de waarheid komt, zal Hij jullie de weg wijzen naar de volle waarheid. Hij zal niet op eigen gezag spreken, Hij zal alleen vertellen wat Hij hoort, en de dingen die komen gaan, bekendmaken” (Joh. 16:13).

De apostel Johannes zelf ontving op het eiland Patmos openbaringen over de eindtijd.

“De openbaring van Jezus Christus, die hem door God gegeven is om zijn dienaars te laten zien wat er spoedig gebeuren moet. Deze openbaring heeft Hij aan zijn dienaar Johannes bekendgemaakt door hem zijn engel te sturen” (Op. 1:1).

 

2. Zo lezen we dat engelen aan mensen verschijnen om een boodschap van God over te brengen.

Bij alle belangrijke gebeurtenissen in de Bijbel zijn engelen aanwezig. Ze zijn er natuurlijk ook als Jezus wordt geboren. De engel Gabriël kondigt aan de maagd Maria de geboorte van Jezus aan.

“Toen Elisabet in haar zesde maand was, stuurde God de engel Gabriël naar Nazaret, een stad in Galilea, naar een jonge vrouw die aan een zekere Jozef uitgehuwelijkt was... De engel ging haar huis binnen en zei tegen haar: ‘Ik groet u, u die de gunst van de Heer geniet, de Heer is met u.’ Bij deze woorden raakte Maria in verwarring…” (Luc.1:26-29).

Uit haar reactie kunnen we afleiden dat Maria daadwerkelijk de engel zag en zijn stem hoorde. Ook de herders op het veld zagen engelen.

“Opeens stond er een engel van de Heer voor hen, en de glorie van de Heer omstraalde hen… En ineens was er bij de engel een hele menigte andere engelen uit de hemel, die allemaal God loofden” (Luc. 2:9,13).

 

3. Er gebeuren tal van wonderen, die van een bijzondere kracht getuigen. De profeten Elia en Elisa deden tal van wonderen. Elia wekte de zoon van de weduwe van Sarefat uit de dood op.

“Toen riep hij de Heer aan en zei: ‘Heer, mijn God, waarom hebt u nu juist de weduwe bij wie ik te gast ben, zo smartelijk getroffen?’ Hij ging drie maal languit op het kind liggen en riep daarbij de Heer aan met de woorden: ‘Heer, mijn God, laat toch de levensadem in dit kind terugkeren!’ En de Heer verhoorde Elia: de adem keerde terug in het kind en het kwam tot leven” (1 Kon. 17:20-22).

Jezus genas vele zieken, dreef demonen uit en wekte doden op.

“’s Avonds, na zonsondergang, brachten ze Hem alle zieken en bezetenen. De hele stad had zich voor de deur van het huis verzameld. Veel zieken, met allerlei kwalen, genas Hij. Ook dreef Hij veel demonen uit en Hij liet niet toe dat ze iets zeiden, want zij wisten wie Hij was” (Marc. 1:32-34).

Ook de apostelen deden tal van wonderen.

“De apostelen deden veel wonderen en grootse dingen onder het volk. Eensgezind waren ze bijeen, in de Zuilenhal van Salomo. Geen buitenstaander durfde zich met hen in te laten, maar het volk sprak waarderend over hen. Steeds meer mensen, zowel mannen als vrouwen, sloten zich aan en gingen geloven in de Heer. Het was zelfs zo, dat de mensen zieken de straat op droegen en op draagbedden en slaapmatten neerlegden, in de hoop dat als Petrus voorbijkwam, tenminste zijn schaduw op een van hen zou vallen. Ook het volk uit de steden rond Jeruzalem stroomde toe. Ook zij brachten zieken mee en mensen die gekweld werden door onreine geesten. Ze werden allemaal genezen” (Hand. 5:12-16).

 

4. Er is in de Bijbel eveneens sprake van tal van natuurwonderen.

Elia liet, in naam van God, regen ophouden en regen komen.

“Elia uit Tisbe in Gilead zei tegen Achab: ‘Bij de levende Heer, de God van Israël, in wiens dienst ik sta: in geen jaren zal er dauw of regen komen, behalve wanneer ik het zeg’” (1 Kon.17:1).

Toen het voedsel opraakte, kondigde Elia in de naam van God aan dat het meel in de pot en de olie in de kruik  niet zouden opraken, en inderdaad dat gebeurde (1 Kon. 17: 7-16).

Jezus bracht stormen tot bedaren en spijzigde vijfduizend mensen met vijf broden en twee vissen.

Er zijn nog veel meer voorbeelden van wonderen in de Bijbel te noemen. Maar waar het nu om gaat is dat we willen vaststellen dat er wonderen in de Bijbel gebeuren.

 

Paranormale ervaringen in de New Age

 

Zoals gezegd begint de mens van deze tijd weer in wonderen en in de geestenwereld te geloven. Veel mensen in Nederland zijn bijvoorbeeld naar het medium Jomanda in het stadje Tiel toegegaan, omdat ze daar opvallende dingen zagen gebeuren en ze zich na afloop blijkbaar beter voelden. In de New Age wereld kunnen er inderdaad net zoals in de Bijbel opmerkelijke dingen gebeuren. De grote vraag is wat het voor wonderen zijn. Als Jomanda handen oplegt, draagt ze dan - net als de apostelen! - de Heilige Geest over? Of is dit gewoon humbug? Of gebeurt er werkelijk wat? Maar wàt?

 

Prof. Tenhaeff, die vroeger jarenlang professor is geweest in de Parapsychologie, was van mening dat de Bijbel vol zit met paranormale ervaringen en vergeleek die met ervaringen van paragnosten en helderzienden. Paragnosten kunnen, zoals eens de profeten in de Bijbel, toekomstvoorspellingen doen. Volgens hem gaat het bij paranormale gaven eigenlijk om algemeen menselijke vermogens die ontwikkeld kunnen worden. Het interesseerde hem heel erg dat oosterse yogi’s hun paranormale vermogens door een training ontwikkelen.

Ook in New Age boeken vinden we de gedachte dat oosterse yogi’s dezelfde wonderen verrichten als Christus. Als een yogi een sinaasappel uit de lucht plukt, werd dat vergeleken met de spijsvermenigvuldiging van Christus. Het feit dat goeroes na hun dood kunnen verschijnen, werd vergeleken met de opstanding van Jezus Christus. Ook ik dacht zelf: alle wonderen komen van God.

De goeroe, een oude vrouw, met wie ik in India kennis maakte, had grote paranormale vermogens. Ze kon je gedachten lezen, kon in trance gaan en elders verschijnen en ze had ook een genezende gave. Ik ervoer dat ze een kracht had die boven het menselijke uitging. Ik dacht: wat bovennatuurlijk is, moet wel van God komen…

 

Het idee dat het bij paranormale zaken om algemeen menselijke vermogens gaat, vinden we tegenwoordig ook in christelijke literatuur. Ds. Piet Schelling schrijft in zijn boek Jomanda, heks of heilige:

“Wat de paranormale begaafdheid betreft: mijn vooronderstelling is dat paranormale gaven behoren tot de schepping van God en dat van deze gaven een helende werking kan uitgaan… Paranormale gaven behoren tot de schepping en kunnen ten deel vallen aan elk individueel mensenkind. Ook Jomanda kan over zulke scheppingsgaven beschikken.”[4]

Dan zou het dus gaan om neutrale menselijke vermogens. Dan zijn het vermogens die ons zijn ingeschapen en we zeggen dat God ze heeft ingeschapen als we gelovig zijn. Dan kunnen ze ook door ons verder worden ontwikkeld. Waar ds. Schelling echter geen rekening mee houdt is dat mensen deze paranormale gaven gewoonlijk van nature niet hebben, maar ze door een training, techniek of inwijding ontwikkelen. Wat gebeurt er tijdens een training of inwijding? Het is een manier om contact te maken met de geestenwereld. Jomanda bijvoorbeeld wordt bij haar genezingen geholpen door geesten van overledenen die ze heeft opgeroepen. Dan is er meer aan de hand dan dat ze een algemeen menselijk vermogen heeft om zieken te genezen.

 

Negatieve ervaringen

 

Wat we in het boek van ds. Schelling tevens niet vinden is dat mensen ook negatieve ervaringen kunnen opdoen met paranormale genezers zoals Jomanda. Zo hoorde ik van een lief mongooltje, dat bij zijn ouders woonde en zijn tijd doorbracht met het luisteren naar CD’s.  Een kennis van de ouders had een ingestraald kaartje van Jomanda meegebracht en adviseerde hen dat onder het hoofdkussen van hun zoon te leggen; dat zou goed voor hem zijn. Ze deden aldus. De jongen wist zich geen raad meer. Hij had het gevoel dat hij aan alle kanten werd geschopt en geslagen en viel kilo’s af. De ouders hebben hem toen meegenomen naar een exorcist en toen kwam hij weer tot rust.

 

De grote vraag is hoe wij zulke negatieve ervaringen moeten verklaren. Tijdens een gesprek dat de exorcist en ik met Jomanda hadden, verklaarde ze het negatieve gebeuren gewoon weg. Dat was niet haar schuld. Dan komt het negatieve wat er in de mens zelf zit, naar buiten. Natuurlijk kan het gebeuren dat men door psychische problemen op een bepaald moment ook lichamelijk ziek wordt.  In het geval van de mongool is deze verklaring niet toepasselijk, want hij had geen psychische problemen en had juist het gevoel dat hij van buiten af werd gekweld. En als dit in hem zelf had gezeten, hadden de ouders het wel eerder gemerkt. De meest waarschijnlijke verklaring is in dit geval dat de jongen van buitenaf door een negatieve macht werd gekweld.

 

Zelf heb ik ook na mijn terugkeer uit  India, waar ik door de goeroe werd ingewijd, in Nederland een ware lijdenstijd gekregen, - ik moest o.a. ondragelijke pijnen doorstaan - die een normaal leven jarenlang onmogelijk maakte.  Ik was ook kerngezond toen ik naar India toeging. Ik herinner me nog dat ik in de ashram voorspellende dromen over Nederland kreeg die zeer negatief waren en dat ik ook het gevoel had dat me in Nederland een moeilijke tijd te wachten zou staan.  Ik was zelf niet met negatieve gedachten bezig en vergat die dromen toen ook weer. Ik dacht aan mijn studie die ik wilde beëindigen. De bron van de moeilijke tijd is tot het verblijf in de ashram terug te voeren.

In zijn boek Tussen wetenschap en mystiek vertelt Rolf Wennekes dat zich bij mensen die  Transcendente Meditatie beoefenen, ernstige geestelijke en lichamelijke klachten kunnen voordoen, ook bij mensen die eerst volkomen gezond  waren. Hij schrijft:

“Maar de onverklaarbare en ingrijpende ervaringen van snel wisselende bewustzijnstoestanden en het daaruit resulterende spectrum van ernstige geestelijke en lichamelijke klachten kunnen zich ook voordoen bij mediterenden, die nooit klachten in die richting hebben gehad en in het verleden maatschappelijk stabiel gefunctioneerd hebben.”[5]

Ik ben dus bovendien niet de enige die negatieve ervaringen heb gekregen, anders zou ik inderdaad kunnen denken dat ik daarvan zèlf de schuld ben. Wat mij is overkomen, blijkt een algemeen herkenbaar patroon te zijn dat voorkomt bij mensen die zich met paranormale zaken uit het alternatieve circuit hebben beziggehouden. We moeten wel concluderen dat we in het alternatieve circuit met negatieve krachten in aanraking kunnen komen.

 

We kunnen niet aan de vraag voorbijgaan waarom men in het alternatieve circuit negatieve ervaringen kan opdoen. In mijn New Age tijd las ik een boek van een hindoe – ik ben de naam vergeten – die ging mediteren en toen jarenlang een strijd tegen krankzinnigheid te voeren had. Hij kon niet begrijpen waarom hem dit overkwam, daar hij geen gevaarlijke technieken had toegepast. Hij legde alle mogelijke goeroes in India zijn geval voor, maar niemand kon hem een bevredigende verklaring voor zijn problemen geven.

Ik begreep in mijn New Age tijd ook niet waarom ik veel te lijden had. De goeroe Aurobindo schreef in zijn boeken dat je pijn moest lijden, als je de wereld vooruit wilde helpen. Maar doet een liefdevolle God dat werkelijk de mens aan? Mijn grote vraag was: waarom kom ik in duisternis terecht, terwijl ik God zoek?

 

Een waarschuwing in de Bijbel

 

Een antwoord op deze vraag vond ik ten slotte in de Bijbel. Met nieuwe ogen begon ik de Bijbel te lezen, na er vele jaren lang nauwelijks in gekeken te hebben. Dit boek waarschuwt voor negatieve paranormale ervaringen. In mijn New Age tijd zag ik gewoon de passages die waarschuwen niet. Ik was tenslotte jong en me van geen gevaar bewust. Na een lange lijdenstijd werden echter mijn ogen geopend. De Bijbel bleek te waarschuwen voor negatieve ervaringen die ik zelf had doorstaan. Toen kon ik begrijpen wat me was overkomen.

 

In de Bijbel lezen we dat er niet alleen goede engelen, maar ook duistere machten zijn, namelijk demonen, met satan als hun overste. Er wordt gewaarschuwd voor praktijken waardoor men met die verkeerde machten in aanraking komt. Dit gebeurt bijvoorbeeld wanneer men spiritisme beoefent, d.w.z.  geesten van doden oproept. De Bijbel leert dat we eerst de geesten moeten toetsen om te zien of ze wel uit God komen, want er zijn ook valse tekenen en wonderen mogelijk. Jezus waarschuwde:

“Want er zullen valse christussen komen en valse profeten, en ze zullen grote tekenen en wonderen doen om, indien mogelijk, zelfs de uitverkorenen op een dwaalspoor te brengen” (Matt. 24:24).

De valse wonderen behoren in de Bijbel tot het verschijnsel toverij of magie. Er wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen echte wonderen van God en toverkunsten uit het rijk der duisternis.

 

Prof. Tenhaeff was er fel tegen gekant om een onderscheid te maken tussen echte en valse wonderen. Hij schrijft in verband met het verhaal over Simon de tovenaar in Handelingen 8:

“Het behoeft geen betoog dat het denigrerende oordeel, hier door antieke kerkelijke auteurs over de magiër en zijn magische verschijnselen uitgesproken, samenhangt met een gebrek aan inzicht inzake het wezen der verschijnselen, door zowel de apostelen als Simon geproduceerd. Terecht heeft Eduard von Hartmann er reeds in het laatst van de vorige eeuw op gewezen, dat de heiligen en vroomste zonen der kerk nauwkeurig dezelfde verschijnselen hebben bewerkstelligd als de heksen, tovenaars en geestenbezweerders, die door Satan heetten te worden geholpen. De geschiedenis van Simon de tovenaar, zoals wij deze in verschillende christelijke geschriften beschreven vinden, is een der talrijke voorbeelden van de grote dwaling van de orthodoxe christenheid, die eeuwenlang in paranormale vermogens slechts goddelijke dan wel duivelse gaven vermocht te zien, een dwaling waartegen overigens reeds de middeleeuwse auteur Bonaventura protest aantekende. Hij was er zich reeds van bewust dat aan de paranormale verschijnselen vermogens van algemeen-menselijke aard ten grondslag liggen. Daarmede is echter niet gezegd dat deze vermogens zich bij alle mensen in gelijke mate openbaren.  Er bestaan hier tussen de mensen verschillen van graduele aard.”[6]

Maar in zijn betoog maakt hij een bepaalde denkfout. Het is al niet juist te stellen dat pas de kerkelijke auteurs onderscheid maakten tussen echte en valse wonderen, en de paranormale gaven van Simon de tovenaar hebben veroordeeld. De Bijbel doet dat zelf. Ook Jezus doet dat. Wat prof. Tenhaeff daarentegen niet onderscheidt is het volgende. De mens heeft inderdaad in het algemeen vermogen om met de onzienlijke wereld contact te maken. Als dat algemeen menselijke vermogen er niet was, zou geen mens een engel kunnen zien. We hebben er een antenne voor. Maar de vraag is ook essentieel op welke geestenwereld wij onze antenne afstemmen. Als er goede en duistere engelen bestaan, is het zaak onze antenne op de goede engelen af te stemmen en niet op de verkeerde.

Het is ook een algemeen menselijk vermogen om energie over te dragen. Als een moeder haar hand op de pijnlijke plek van de knie van haar kind dat is gevallen legt, kan dat helpen tegen de pijn. Maar bij een paranormale genezer is er meer aan de hand. Zo vertelt de magnetiseur Frank den Ouden dat hij bij zijn werk de hulp van spirituele gidsen heeft gekregen. Daardoor kan hij beter mensen genezen. Dan hebben we ons ook weer af te vragen met welke geesten wij in contact komen. Hoe weten wij of we met positieve energie dan wel met negatieve energie in contact komen? Dit is een hoogstnoodzakelijke vraag want ik heb zelf en met mij hebben anderen ervaren dat we met negatieve krachten in aanraking kunnen komen.

 

 

2. ENGELEN EN DEMONEN

 

De Bijbel vertelt, weliswaar niet systematisch, maar als we goed lezen, toch veel over de onzienlijke geestenwereld. De meeste mensen geloven dat er wel meer is dan alleen deze aarde. Men gelooft dat er ‘iets’ is. Het geloof, zoals dat van de hypnotherapeut, is wel vaag. Men weet niet precies hoe alles in elkaar steekt. De Bijbel daarentegen - en dat is ook een reden waarom we de Bijbel raadplegen – spreekt geen vage taal, maar geeft ons een duidelijk en concreet beeld van de onzienlijke werkelijkheid en geeft ons inzicht in de werking van de onzichtbare krachten in het universum. We leren dat God bestaat en hoe Hij is en dat er ook engelen zijn, zowel goede als kwade. We leren te onderscheiden of we met positieve dan wel met negatieve krachten in aanraking komen.

 

Bestaan engelen wel?

 

In de New Age wereld hecht men in het algemeen geloof aan het bestaan van spirituele gidsen of engelen. Er worden boeken gepubliceerd waarin men vertelt van persoonlijke ervaringen met engelen.

Toch kunnen er lezers zijn die zich afvragen of engelen echt wel bestaan. Hebben mensen die engelen meenden te zien, geen hallucinatie gehad, of fantaseren ze? Gewoonlijk hebben hallucinaties met een ziektebeeld te maken en hebben ze een negatief effect op de mensen. Ze laten geen diepe indruk na en zullen geen positieve verandering in het leven van de persoon bewerken. Daarom is het leerzaam in de Bijbel te onderzoeken welk effect het zien van engelen op mensen heeft.

 

Er zijn vele voorbeelden van ervaringen met engelen in de Bijbel. Op alle cruciale momenten van de heilsgeschiedenis verschijnen ze. Om twee voorbeelden te geven.

In het Oude Testament had de aartsvader Jakob een droom in Bethel: op de aarde was een ladder opgericht, waarvan de top tot aan de hemel reikte, en zie, engelen Gods klommen daarlangs op en daalden daarlangs neer. God stond bovenaan en zegende Jakob (zie Gen. 28:10v.). Deze droom maakte diepe indruk op Jakob en hij riep uit: “Waarlijk, de Heer is aan deze plaats en ik heb dat niet geweten.”

Het is begrijpelijk dat dit gebeuren hem vrees inboezemde, maar hij werd niet depressief en passief, integendeel, het inspireerde hem tot actie en hij had vertrouwen in God. Wanneer we het leven van Jakob overzien, kunnen we constateren dat de aartsvader van dit visioen de kracht heeft ontvangen om jarenlang in den vreemde bij zijn oom Laban te zwoegen. Hij wist dat God een plan met zijn leven had.

 

In het Nieuwe Testament lezen we dat een engel, genaamd Gabriël, aan Maria verscheen en aankondigde dat ze een zoon zou krijgen die de naam Jezus zou dragen. Hij zou groot zijn en de Zoon van de Allerhoogste worden genoemd. We zouden kunnen denken aan een overspannen fantasie van Maria: zij droomde van een beroemd kind. Maar Jezus was werkelijk een unieke persoonlijkheid, dat was niet slechts een fantasie. Maria was diep onder de indruk van de verschijning. Ze was natuurlijk eerst bevreesd, maar net als Jakob werd ze niet depressief en passief. Haar ervaring maakte haar in feite gelukkig en inspireerde haar tot een prachtige lofzang, het Magnificat.

 

Beide voorbeelden – en ze kunnen met vele andere worden aangevuld - wijzen erop dat we hier niet met een fantasie of hallucinatie te maken hebben, maar met een authentieke religieuze ervaring van hemelse wezens die verschijnen. Laten we recht doen aan de religieuze ervaringen van mensen. Maar wat zijn dat dan voor wezens?

 

De goede engelen

 

In het verhaal van Jakob wordt er over de engelen Gods gesproken. Engelen horen bij God. Ze zijn door Hem en tot zijn eer geschapen.

Engelen loven en prijzen God. De profeet Jesaja had een geweldig visioen, waarin hij engelen zag die riepen:

“Heilig, heilig, heilig is de almachtige Heer. Zijn majesteit strekt zich uit over de hele aarde!” (Jes. 6:3).

Engelen vereren ook Jezus als de Heiland der wereld. Als Jezus is geboren, verschijnt de Engel des Heren aan de herders en zegt:

“Wees niet bang! Want luister, ik breng u een blijde tijding, die voor het hele volk bestemd is. Vandaag is in de stad van David uw redder geboren: Christus, de Heer” (Luc. 2:9).

Ook in het boek Openbaring lezen we hoe de engelen in de hemel Jezus Christus aanbidden.

“Toen hoorde en zag ik vele engelen rondom de troon, met de vier wezens en de oudsten. Zij waren met duizenden en duizenden, ja met miljoenen. En zij riepen luid: ‘Het Lam dat geslacht werd, komt de eer toe om de macht te ontvangen, de rijkdom, de wijsheid en de kracht, de eer, de glorie, de lof’” (Op. 5:11,12).

We zien hier dus dat de engelen Jezus aanbidden als de Heiland der wereld.

 

Engelen zijn voorts boodschappers die Gods boodschap overbrengen. Als Mozes in de woestijn zijn roeping ontvangt van God, verschijnt eerst de engel des Heren.

“Toen verscheen hem de engel van de Heer als een vuurvlam midden uit een braamstruik” (Ex. 3:2).

De profeet Daniël kreeg bezoek van een engel met het uiterlijk van een mens.

“Ik hoorde de man zeggen: ‘Daniël, God heeft je lief. Ga staan, luister goed naar me. Ik ben met een boodschap naar jou gestuurd… Ik ben gekomen om je uit te leggen wat er in de eindtijd met je volk zal gebeuren. Het is weer een visioen over een verre toekomst.’

Terwijl hij dit zei, staarde ik naar de grond, geheel sprakeloos. Maar de engel met het uiterlijk van een mens raakte mijn lippen aan en ik kon weer spreken” (Dan. 10:9-16).

De engel Gabriël kondigt de geboorte van Jezus aan. Ook kondigen twee engelen de opstanding van de Gekruisigde Heer aan.

“Op de eerste dag van de week gingen de vrouwen al heel vroeg naar het graf, met de kruiden die ze hadden klaargemaakt. Ze vonden de steen weggerold van het graf en gingen naar binnen, maar zagen het lichaam van de Heer Jezus niet. Ze wisten niet wat ze ervan denken moesten. Plotseling stonden er twee mannen bij hen in stralende gewaden. Hevig geschrokken bogen ze hun hoofd. ‘Waarom zoekt u Hem die leeft bij de doden?’ vroegen de twee mannen. ‘Hier is Hij niet; Hij is door God opgewekt!” (Luc. 24:1-6).

 

Ten derde zijn engelen dienende geesten. Ze dienden Jezus Christus, toen Hij op aarde leefde, en zij dienen ook de gelovigen. We lezen:

“Wat zijn engelen anders dan geesten die God dienen en die worden uitgestuurd om hèn te helpen voor wie het heil is weggelegd?” (Hebr. 1:14).

Zo lezen we in Psalm 91 dat ze mensen beschermen:

“Want God stuurt je zijn engelen, ze zullen over je waken, waar je ook gaat. Ze zullen je dragen op hun handen, je zult je aan geen steen stoten” (Ps. 91:11-12).

Toen Elia door Izebel, de vrouw van koning Achab, werd bedreigd en het niet meer zag zitten, werd hij door een engel geholpen.

“Bang geworden vluchtte Elia voor zijn leven. Toen hij Berseba in Juda bereikte, liet hij daar zijn dienaar achter. Alleen trok hij verder, de woestijn in; na een dag lopen ging hij onder een bremstruik zitten en wenste hij dat hij dood was. ‘Het is nu genoeg, Heer,’ zei hij. ‘Neem mij nu maar uit het leven weg, ik ben niet beter dan mijn voorouders.’ Toen ging hij onder de bremstruik liggen slapen. Maar opeens was er een engel die hem wakker maakte en zei: ‘Sta op en eet wat.’ Toen hij opkeek, zag hij aan zijn hoofdeinde een koek, gebakken op gloeiende stenen, en een kruik water. Hij at en dronk wat en ging weer liggen. Maar de engel van de Heer maakte hem opnieuw wakker en zei: ‘Sta op en eet nog iets, want er staat je nog een verre reis te wachten.’ Hij stond op, at en dronk en door de kracht van dit voedsel liep hij in veertig dagen en nachten naar de berg van God, de Horeb” (1 Kon. 19:3-9).

In het Nieuwe Testament wordt Petrus uit de gevangenis bevrijd door een engel.

 “In de nacht voorafgaande aan de dag dat Herodes hem voor wilde laten komen, lag Petrus aan twee kettingen te slapen tussen twee soldaten. Ook voor de deur hielden soldaten de wacht. Opeens stond er een engel van de Heer en was de cel hel verlicht. Hij stootte Petrus in de zij om hem te wekken. ‘Sta vlug op’, zei hij. Meteen vielen de kettingen van Petrus’ handen. ‘Doe uw riem om en trek uw sandalen aan.’ Toen Petrus dat gedaan had, zei de engel: ‘Sla uw mantel om en volg mij.’ Petrus liep achter hem aan naar buiten, zonder te beseffen dat wat de engel deed, werkelijkheid was. Hij dacht dat hij een visioen had. Ze liepen de eerste en de tweede wacht voorbij en kwamen bij de ijzeren poort naar de stad. De poort ging vanzelf voor hen open. Buitengekomen liepen ze een straat uit, en toen was de engel ineens verdwenen” (Hand. 12:6-10).

In dit verhaal vinden we ook het geloof van de eerste christenen in een persoonlijke beschermengel. Want het verhaal gaat als volgt verder.

“Hij ging naar het huis van Maria, de moeder van Johannes Marcus. Daar waren veel mensen bij elkaar om te bidden. Hij klopte op de deur van de poort en Rhode, een dienstmeisje, kwam kijken wie er was. Toen ze Petrus’ stem herkende, vergat ze van blijdschap open te doen. Ze liep terug naar binnen om te vertellen dat Petrus voor de deur stond. ‘Praat geen onzin’, zeiden ze tegen haar. Maar ze hield vol dat het zo was. Toen zeiden ze: ‘Het is zijn beschermengel’” (Hand. 12:12-15).

Zo zien we dat de goede engelen ons helpen als we hulp nodig hebben.

 

Er zijn vele voorbeelden van mensen, ook in onze tijd, die hulp van engelen hebben ontvangen. Om een voorbeeld te geven. De bekende Godsman in India, Sadhoe Soendar Singh (geboren in 1889) had in Tibet de volgende ervaring. “In een bepaald dorp had hij tevergeefs geprobeerd zijn boodschap ingang te doen vinden, maar de mensen weigerden naar hem te luisteren. Door hun dreigende houding moest hij zich tenslotte in een grot terugtrekken. ’s Avonds gingen de bewoners, met knuppels en stenen gewapend, op weg naar zijn schuilplaats om hem te doden. Toen deinsden zij plotseling verschrikt terug en riepen hem op een afstand toe: ‘Zeg ons, wie is die man in dat blinkende gewaad naast u en wie zijn die anderen om u heen?’ Soendar Singh antwoordde dat hij alleen was, maar de mensen bleven bij hun bewering… Engelen van God hadden zijn leven gered.”[7]

 

Er zijn ten vierde ook strijdende engelen. Michaël is de bekendste strijdengel. Als er op aarde een strijd woedt, beseffen we meestal niet dat daarachter een hevige strijd in de hemelse gewesten schuilgaat: een strijd tussen God met zijn engelen én de satan met zijn demonen. Als de apostel Johannes op Patmos zijn openbaring krijgt en de hemel geopend ziet, maakt hij in de hemel een strijd mee.

“Toen ontbrandde er in de hemel een strijd. Michaël en zijn engelen vochten tegen de draak (de duivel), die met zijn engelen terugvocht. Maar de draak werd verslagen, hij en zijn engelen hadden hun plaats in de hemel verloren. De grote draak werd eruit geworpen, de oude slang, die ook wel de duivel of Satan wordt genoemd en die de hele wereld misleidt. Hij en zijn engelen werden op aarde geworpen” (Op. 12:7-9).

In het Oude Testament lezen we het verhaal hoe koning Hizkia, als hij door Sanherib, de koning van Assur, wordt aangevallen, in zijn strijd door een engel wordt geholpen.

“Koning Hizkia en de profeet Jesaja, de zoon van Amoz, baden God om hulp. Toen stuurde de Heer een engel die heel dat leger van de koning van Assur, met aanvoerders en officieren, vernietigde” (2 Kron. 32:20,21).

 

Bestaan er ook kwade engelen?

 

New Agers zeggen dat zij contact hebben met engelen die boodschappen doorgeven en ze beweren dat ze een speciale geleidegeest hebben. Prinses Irene heeft Zoro als geleidegeest meegekregen. Hebben New Agers dan ook een goede engel naast zich die hen helpt? Het is nodig dat we deze vraag stellen, want volgens de Bijbel zijn er ook kwade engelen, die zich voordoen als engelen van het licht, zodat we heel goed moeten weten met wie we te maken hebben.

Ook New Agers erkennen dat er negatieve entiteiten bestaan. Maar tegenover de geleidegeesten, die men zelf heeft, is men zeer onkritisch: men gelooft dat het altijd goede geesten zijn. Men vraagt zich daar niet af of men soms bedrogen kan worden. Gewoonlijk houdt men er geen rekening mee dat er zoiets als een satan, een duivel, kan bestaan. Er is, zo beweert men, geen duivel of gevallen engel die aan het hoofd staat van boze machten. Het zou hierbij slechts om een primitief bijgeloof gaan uit voorbijgegane tijden.  Zelf had ik ook het geloof in een duivel en een hel aan de kant gezet. God was toch liefde.

In Een Cursus in wonderen wordt gezegd dat de satan een projectie is van eigen angst. Dit is een vreemde redenering. In de buurt van Utrecht opereert een serieverkrachter. Uit angst voor deze man durven vrouwen in het donker niet alleen in de buurt te fietsen. Is daarom deze verkrachter een projectie van de angst van de vrouwen en bestaat hij dus niet? Gewoonlijk zijn we bang voor iets wat werkelijk bestaat en bedreigend voor ons is. Als de satan bestaat, kan men met recht vrees voor hem hebben. Maar bestaat hij?

Tot mijn verbazing las ik vroeger in een boek van de goeroe in India, de Moeder, dat een depressie regelrecht het werk was van de duivel. Er bestond toch geen duivel? Maar ook andere New Agers komen met de duivel aanzetten, zoals de filosoof David Spangler. Hij heeft geschreven:

“Christus is dezelfde kracht als Lucifer… Lucifer bereidt ons voor op de ervaring van het Christusbewustzijn… Lucifer schenkt ons de heelheid door in ons te werken, als we ons aan New Age overgeven.”[8]

Evenals satanisten, die openlijk de Satan vereren, gelooft hij dat Lucifer, de duivel, een goede geest is. Maar waarom is er dan zoveel ellende in de wereld? Is dit niet pas echt verklaarbaar als we rekening houden met het bestaan van satan als een kwade geest? Je hoort nog wel eens zeggen: “Hoe kun je na Auschwitz nog in God geloven?” Het is echter meer terecht een andere vraag te stellen: “Hoe kun je na Auschwitz nog steeds niet in de satan geloven?” Het is de satan die zulke verschrikkingen bedenkt. Althans, dit leert ons de Bijbel, zoals we straks zullen zien.

 

Niet alleen verklaart het bestaan van de satan en zijn demonen het een en ander wat anders onverklaarbaar zou zijn, maar zoals velen op de een of andere manier een Godservaring hebben gehad, hebben velen een bepaalde ervaring met de satan en zijn demonen opgedaan. Die ervaring hebben we serieus te nemen. Velen die zich in de wereld van het paranormale hebben begeven, zijn stemmen gaan horen. In de psychiatrie wordt het horen van stemmen vaak weggepraat als een prikkeling van de hersenen of als eigen fantasie, hetgeen natuurlijk wel eens kan gebeuren. Maar dan doen we in de meeste gevallen geen recht aan de ervaringen van de mensen zelf. Ze worden vaak gekweld door deze stemmen die van buitenaf lijken te komen, en ze lijden eronder. Ze hebben bepaald niet het gevoel dat ze deze kwellingen zelf bedenken. Ze willen er ook vanaf, maar weten niet hoe. Medicijnen onderdrukken alleen maar gedeeltelijk dit verschijnsel. De meest logische verklaring voor dit verschijnsel is dat mensen door boze geesten gepijnigd worden. Vanaf de oudste tijden hebben mensen – en ook de mensen uit de Bijbel – geloofd dat er kwade geesten bestaan die een mens negatief kunnen beïnvloeden.

Exorcisten die bidden voor gebonden en bezeten mensen, krijgen heel specifiek te maken met manifestaties van boze geesten en van de satan zelf. Wie op dit gebied ervaring heeft, kan alleen maar erkennen: de satan bestaat werkelijk. Laten we zien wat de Bijbel over dit wezen zegt.

 

De satan

 

Een van de allerhoogste engelen, in de kerkelijke traditie Lucifer of Lichtdrager geheten, is volgens de Bijbel als een goede engel geschapen. Volgens prof. H. van Praag, de parapsycholoog, is het bestaan van de satan wezensvreemd aan de bijbelse traditie, die maar één God kent.[9] Men mag volgens hem van het kwaad geen tegengod maken. Inderdaad is hij geen tegengod. Hij is een door God geschapen wezen, een engel. Er is in de Bijbel geen sprake van een dualistische visie zoals in de Perzische godsdienst waar een goede en een kwade God tegenover elkaar staan. Het bestaan van de satan erkennen is niet wezensvreemd aan bijbels denken, maar wel aan het eenheidsdenken van de New Age, dat in diepste wezen alles als goddelijk beschouwt. Dit eenheidsdenken is wel idealistisch, maar niet realistisch, want het bestaan van de satan is een realiteit.

Satan was een hoogstaande engel, bekleed met macht en majesteit. Dat satanisten hem als een goede geest vereren, bevat dus een waarheid, maar het is slechts een halve waarheid. De Bijbel leert dat hij in zijn hoogmoed tegen God in opstand is gekomen en de duivel is geworden. Hij is door hoogmoed gevallen. Een valse geest herkent men aan hoogmoed.

Na zijn val heeft hij een deel van de engelen met zich meegetrokken en heeft hij ook geprobeerd de mens in zijn val mee te lokken. Het verhaal van de zondeval, dat men slechts in de Bijbel, in Genesis 3, vindt en niet in andere religieuze boeken, is in staat te verklaren hoe de ellende in de wereld is gekomen.

 

De Boeddha ging gebukt onder het lijden in de wereld en kon daarom ook niet geloven dat er een Scheppergod is. Het is het aloude probleem: hoe kunnen we de liefde en almacht van God rijmen met het lijden in de wereld? Maar hij kon dit probleem niet in zijn ware perspectief zien, omdat hij het gebeuren van de zondeval niet kende en hij heeft daardoor een oplossing zonder God aangereikt. Hij kon de oorzaak van de ellende niet verklaren, maar reikte als enige “oplossing” aan het kwaad innerlijk te negeren door alle begeerte uit te blussen en te denken dat je ziel gewoon niet bestaat. Dan is er ook geen ego meer dat pijn zou kunnen lijden.

In de Hindoeïstische filosofie moet je het kwaad ook wegdenken door jezelf voor te houden dat het aardse leven schijn is en dat je een goddelijke kern in je hebt die eeuwig is en gelukzalig. Dit is een mooie filosofie, maar die helpt je niet als je in de put zit. Als je in de gevangenis zit en je verbeeldt je zelf dat die gevangenis maar schijn is, dan ben je daarmee nog niet uit de gevangenis verlost.

De Islam heeft voor de berusting gekozen: wat me overkomt is nu eenmaal de heilige wil van Allah.

 

Door het bijbelse verhaal van de zondeval krijgen we echter een heel nieuwe kijk op het probleem.

De ellende is de wereld binnengekomen doordat de mens naar de duivel heeft geluisterd. We lezen:

“De slang was het slimste dier dat God, de Heer, gemaakt had. Hij zei tegen de vrouw: ‘God heeft zeker wel gezegd dat jullie van geen enkele boom in de tuin vruchten mogen eten?’ De vrouw antwoordde: ‘We mogen van alle bomen in de tuin eten,  behalve van de boom in het midden van de tuin. God heeft gezegd dat we die boom zelfs niet mogen aanraken, want anders zouden we sterven.’ Maar de slang zei: ‘Sterven? Je zult helemaal niet sterven! Integendeel, God weet dat jullie de ogen open zullen gaan zodra je ervan eet. Dan zul je aan Hem gelijk zijn en inzicht hebben in goed en kwaad” (Gen. 3:1-5).

De satan kwam met een mooie belofte: je zult niet sterven, maar als God zijn. In de New Age wereld krijgen we precies dezelfde mooie belofte: je zult een hoger goddelijk bewustzijn ontwikkelen. Door naar de slang, de spreekbuis van de satan, te luisteren, is de mens in zijn macht  gekomen. Toen God de mens schiep, heeft Hij man en vrouw de heerschappij over de wereld gegeven (Gen. 1:28). Maar toen de mens de satan gehoorzaamde, droeg hij daarmee zijn onderkoningschap over aan satan. Zo werd deze de “overste van de wereld” (Joh. 14:30). Een overste is een hoge ambtenaar die aan de keizer of koning is onderworpen. God is de eigenlijke Heer gebleven, maar door de zondeval van de mens heeft de satan het recht gekregen in deze wereld zijn invloed uit te oefenen. Mensen kunnen problemen met het geloof hebben omdat ze er helemaal geen rekening mee houden dat de satan de overste dezer wereld is. Daarom geeft men God de schuld van dingen die de satan bewerkt. Waarom laat God al die dingen toe? vraagt men zich af. Waarom grijpt Hij niet in? God is liefde en wil ons lijden zeker niet, maar Hij laat wel dingen toe, omdat wij de satan hebben binnengelaten en voor het kwade hebben gekozen en God onze vrije wil respecteert. 

Doordat de wereld onder de invloed van de boze is gekomen, kunnen we ook niet meer zeggen: “Paranormale gaven zijn gaven die we bij de schepping hebben meegekregen, dus zit het wel goed met die gaven.” We kunnen nu helaas door onze paranormale antenne ook met de duistere machten en krachten contact krijgen. 

 

Toen de mens in de macht van de boze was gekomen, heeft God het er niet bij gelaten, maar de mens een reële oplossing aangereikt: Hij heeft de mensheid een Verlosser geschonken. Demonen weten beter wie Jezus Christus is dan veel mensen in deze tijd die geloven dat Jezus alleen maar een mens is. Als Jezus in de buurt van een bezetene kwam, begonnen de demonen zich te roeren, en te schreeuwen.

“Toen Hij aan de overkant was gekomen in het gebied der Gadarenen, kwamen hem uit de richting van de begraafplaats twee bezetenen tegemoet; ze waren zo wild dat niemand over die weg durfde te gaan. Ze schreeuwden: ‘Wat moet je van ons, Zoon van God?’ Ben je gekomen om ons te pijnigen al voor de dag van het oordeel?” (Mat. 8:28v.).

Jezus heeft door zijn kruisdood de mensheid uit de slavernij van de satan vrijgekocht. Daarom haat de satan de kruisdood van Jezus Christus en hij zal daarom altijd proberen om het Evangelie van verlossing door  Jezus’ kruisoffer in diskrediet te brengen of te vervalsen.

 

Op Golgotha heeft Jezus de satan overwonnen en de machten en krachten onttroond. Dat wil echter niet zeggen dat de satan op deze wereld geen invloed meer kan uitoefenen. Hij is nog niet definitief gebonden. We kunnen hem vergelijken met iemand die voor een misdaad is veroordeeld, maar nog een tijdje op vrije voeten mag rondlopen, voordat hij zijn vonnis ondergaat. We leven in een tussentijd, waarin de satan zijn macht op aarde nog doet gelden en juist in deze tijd is hij uiterst actief, want hij weet dat zijn tijd spoedig ten einde loopt.

“Wee u, aarde en zee! Want de duivel is naar u afgedaald, hij briest van woede en hij weet dat zijn tijd beperkt is” (Op. 12:12).

 

 

 

 

 

 

3. HET ONDERSCHEIDEN VAN GEESTEN

 

Als we beseffen dat we op het paranormale erf zowel met goede als kwade geesten in contact kunnen komen, is het belangrijk dat we onderscheiding van geesten hebben en beseffen met welke krachten en machten we precies in aanraking komen. Het is noodzakelijk de listen van de satan te doorzien, zodat we door de leugenaar niet bedrogen worden. De Bijbel waarschuwt:

 “Wees nuchter en waakzaam! Uw tegenstander, de duivel, loopt rond als een brullende leeuw, op zoek naar iemand die hij kan verslinden” (1 Petr. 5:8).

Maar de grote vraag is: “Hoe onderscheiden we dat?”

 

New Age

 

Of we nu met paranormale genezers, reiki-meesters of spirituele leiders te maken hebben, ze vertellen ons dat ze met geesten communiceren. Daarover meer in een volgend hoofdstuk. Wat ons voor het ogenblik interesseert is of ze onderscheid maken tussen goede en kwade geesten, en zo ja, hoe ze dan dat onderscheid maken.

Wat opvalt in de New Age literatuur is dat de auteurs zonder uitzondering positief spreken over hun ervaringen met geesten en gidsen en zich niet afvragen of ze soms bedrogen kunnen worden. Sanaya Roman en Duane Packer schrijven in hun boek Contact met je gids:

“Zij (de mensen die channelen) hebben zonder uitzondering gerapporteerd dat channelen hun leven in positieve zin heeft veranderd. Zij geven aan dat ze in staat zijn een meer omvattend beeld te zien en de wereld op positievere manieren te bekijken. Ze zeggen meer compassie te hebben voor zichzelf en anderen. Bijna allemaal hebben ze een grotere voorspoed ervaren dankzij de veranderingen die ze door hun andere houding in hun leven hebben doorgevoerd, een duidelijker zicht op hun doel en meer vertrouwen in hun innerlijke boodschappen. Mensen rapporteerden dat vervulling hun leek te overkomen. Ze hadden het gevoel alsof ze met de stroom meegingen in plaats van ertegen te vechten. Mensen ervoeren dat hun leven geleidelijk aan van een hogere orde leek en meer betekenis en zin kreeg. Velen hebben channelen ervaren als een belangrijke stap naar verlichting.

We hebben gezien hoe vele mensen, nadat ze hadden leren channelen, een enorme persoonlijke en spirituele groei doormaakten… Channelen helpt mensen hun hogere pad te vinden en dit te gaan.”

De geesten worden ervaren als hogere lichtwezens.

“Veel gidsen van een hoog niveau zijn vrijwel puur energie; ze hebben zich ontwikkeld tot geest en hebben een schittering van licht aangenomen.”

Wel vindt men het besef dat er lagere entiteiten bestaan waar men geen contact mee moet maken. Voor Roman en Packer betekent dat niet dat het dan om kwade geesten moet gaan.

“Het hoeven geen kwaadwillende entiteiten te zijn, maar vaak delen ze je doelen niet en begrijpen ze je unieke bestemming niet en zijn ze dus niet in staat je te ‘leiden’. Deze entiteiten zullen waarschijnlijk op geen enkele wijze schadelijk voor je zijn, hoewel je enig ongemak kunt ervaren als je in de buurt van hun negativiteit bent.”

Wel wordt erkend dat ze minder ver ontwikkeld zijn en voor negatieve ervaringen kunnen zorgen

“Hoe herken je entiteiten die minder ver ontwikkeld zijn? Sommige houden ervan je voorspellingen te geven over rampen en genieten van de intense emoties, zoals angst, die ze in mensen kunnen oproepen. Zulke voorspellingen worden niet gedaan om mensen te helpen, noch worden ze gegeven met een hoger doel in gedachten. Hun boodschappen komen ten onrechte het ego van mensen versterken door hun te vertellen dat ze rijk of beroemd zullen worden, terwijl dat duidelijk geen deel van hun pad is. Je zult het weten als je contact hebt met een lagere gids. Je zult je angstig, machteloos, depressief of zorgelijk voelen nadat zij je advies hebben gegeven.”[10]

Het medium Ursula Roberts geeft in haar boek Alles over mediumschap ook een duidelijke waarschuwing tegen lagere negatieve entiteiten:

“Mediums moeten dan ook gewaarschuwd worden en op hun hoede zijn voor boodschappen als: ‘U zult de wereld redden’, “U zult het beste medium ter wereld worden’, ‘U bent een geweldig mens’, en: ‘Jezus schrijft aan u’. Ik wil hiermee niet zeggen dat al deze boodschappen per se onwaar zijn, maar ik probeer hiermee aan te geven en u op het hart te drukken dat goede geesten nederigheid prediken. De slechte wezens zijn er alleen maar op uit om het ego te vleien, en misplaatste trots aan te kweken.”[11]

We kunnen hieruit concluderen dat New Agers nog wel enig onderscheid kunnen maken tussen lagere kwade entiteiten en hoge goede geesten, maar er niet van uitgaan dat er ook hoge, maar gevallen engelen zijn. Ze redeneren simplistisch: “De geesten waarmee we zelf communiceren zijn hogere lichtwezens, dus zijn ze goed”.

 

We worden in de New Age literatuur niet gewaarschuwd tegen mogelijke risico’s die we kunnen lopen als we met geesten gaan communiceren. Roman en Packer hebben het slechts over kleine ongemakken die we tijdelijk kunnen ervaren. Zo kan na een trance de wereld irreëel lijken.

“Een stel dat samen aan de cursus deelnam gaf aan dat, toen ze na afloop uit eten gingen, het voedsel totaal anders smaakte. Ze liepen langs een paar winkels in de buurt. De dingen die ze zagen leken onwerkelijk; de kleuren waren uitzonderlijk levendig; de mensen leken vreemd. Ze hadden het gevoel alsof ze net op aarde waren aangekomen! Hun normale gevoel kwam enige dagen later terug.”[12]

Ook kan men pijnervaringen krijgen.

“Soms treden er als reactie op het je openen om te channelen fysieke veranderingen op, zoals pijntjes in de schouders, nek of bovenrug.”

Als verklaring geven Roman en Packer aan dat de gids een hogere energie in je lichaam brengt wat je niet gelijk aankan.

Ook kan je een depressief gevoel krijgen.

“Sommige mensen ervaren als ze uit hun trance komen een daling van energie, gevoelens van droefheid, of een emotionele gevoeligheid.”

Dit wordt uitgelegd als het na-effect van  het hogere bewustzijn dat men heeft ervaren.

 

Alleen in het boek van John Klimo die in het algemeen positief over channeling denkt, vond ik een terloopse opmerking dat het werkelijk mis kan gaan.

 “De Duitse psychiater Hans Bender stelde in zijn ‘Psychic Automatisms’ (zijn medisch proefschrift) dat hij bij veel van de patiënten met wie hij werkte aantrof waarschijnlijk ‘mediamieke psychose’ was. Hij bestudeerde als schizofreen aangemerkte patiënten die zich, voor zij ziek werden met een of andere vorm van automatisme hadden beziggehouden, waardoor een opening gemaakt werd voor wat Bender noemt communicatie met hun andere ik. De soorten automatismen waren motorisch, zoals gecodeerde tafelklopperij, trancestem, schrijven, ouija-bord en pendel; en zintuiglijk, zoals hallucinaties van stemmen, visioenen, gedachten en de gewaarwording door een ander gecontroleerd te worden. Een aantal van de gevallen waar hij over spreekt zouden door ons typische gevallen van channeling genoemd worden. Een paar keer leidde de betrokkenheid van entiteiten van het kwaadaardige soort tot (niet-geslaagde) zelfmoord- en moordpogingen.”[13]

In het algemeen wordt er in New Age literatuur niet gewezen – ik kan er niet over oordelen of dat bewust gebeurt – op de grote risico’s die men loopt als men zich op het paranormale pad begeeft. Laten we nu zien wat ikzelf heb beleefd.

 

Ervaringen met het paranormale

 

Toen ik nog op school zat, kwam ik in contact met een Griek die mijn hand las en me voorspelde dat er, voordat ik stierf, iets heel ergs zou gebeuren. Lange tijd heb ik het gevoel gehad: er staat me aan het einde van mijn leven iets ergs te wachten. Voorspellingen betreffen herhaaldelijk negatieve dingen en kunnen angst veroorzaken. Zelf kon ik voorspellende of telepathische dromen hebben die rampen betroffen. Toen ik gedurende een zomer in Duitsland was, kreeg ik een nachtmerrie. Er begon een oorlog in een stad. De volgende dag hoorde ik dat de muur in Berlijn was gebouwd. Vlak voordat ik naar India ging, droomde ik dat ik per schip op weg was naar India. Maar er was iets ernstigs aan de hand. Mijn schip kon niet door het Suezkanaal en moest om Afrika heen. Daardoor kwam ik te laat in India aan. Ik voorvoelde een ramp. Het schip kon gelukkig op de heenreis toch door het Suezkanaal varen en ik vergat mijn droom. Maar toen ik in India was, brak er in Israël oorlog uit en het Suezkanaal werd inderdaad gesloten. Op de terugweg moest het schip om Afrika heen.

 

Als je je eenmaal in de paranormale wereld begeeft, komt van het een en ander. Gedurende mijn studententijd onderzocht ik al het mogelijke in de alternatieve wereld. Zo ging ik naar een bijeenkomst van de soefi’s en las de boeken van oosterse goeroes, maar ook van Rudolf Steiner. Ik las occulte boeken over handlezen en astrologie tot aan magie en ik maakte een cursus bij de Rozenkruisers mee. Ook probeerde ik enige yogaoefeningen en woonde eens een avond met de paragnost Croiset bij.

Diverse malen maakte ik een seance mee. Een vrouw, een medium, werd door haar man onder hypnose gebracht. Ze raakte buiten bewustzijn en dan gingen geesten van doden door haar heen spreken. Een jongen die daar kwam en die, zoals verteld werd, last had van zwarte magie, werd behandeld door een geest van een Egyptische arts. Ik heb er niet van gehoord dat hij is genezen. Het medium vertelde dat ze na een seance vreselijk moe kon zijn. Zulke sessies hadden geen goede invloed op haar gezondheid. Maar in die tijd baarde mij dat geen zorgen. Ik was me van geen gevaren bewust. Vol verwachting ging ik zelfs in mijn eentje naar India toe.

 

Het verblijf van een jaar in de Aurobindo Ashram in Zuid-India, van 1966-1967, heeft grote invloed op mijn leven gehad. Een ashram is een plaats waar men onder leiding van een meester yoga beoefent. De goeroe Aurobindo was al dood, maar zijn medegoeroe, een westerse vrouw van bijna 90 jaar, die “de Moeder” werd genoemd, leefde nog en had grote paranormale krachten. Ze had zich jarenlang in het occultisme getraind. Op mijn verjaardag ging ik naar haar toe. Ze heeft me de handen opgelegd en ik ontving haar ‘zegen’. Toen ik zo bij haar was, ervoer ik dat haar kracht bovennatuurlijk was.

 

Na dat jaar ging ik naar Nederland terug met het gevoel dat ik een nieuwe inspiratie had opgedaan die ook voor de kerk van belang kon zijn. Ik ging door met mijn studie en was bijna klaar toen er een onverwachte keer in mijn leven kwam. Na aanvankelijk het gevoel te hebben gehad er beter van geworden te zijn, werd opeens mijn leven veranderd in een aaneenschakeling van lijden. Het begon met een trancetoestand die over me kwam of ik het wilde of niet. Volgens Roman en Packer is een trance een bewustzijnstoestand waarin je contact kunt maken met een spirituele gids. Ik ervoer ook dat je in die toestand overgevoelig wordt voor invloeden vanuit de geestenwereld. In zo’n toestand wordt je eigen geest leeg en dan kan een andere geest door je heen gaan werken. In het begin was het een gelukzalige toestand en ik had het gevoel iets goddelijks te beleven en een  verlichting bereikt te hebben. Maar mijn geluk duurde niet lang. Ik raakte zelfs helemaal buiten bewustzijn zoals het medium door hypnose en kwam met een vreselijke kater weer tot de normale wereld terug. Voor de eerste keer in mijn leven ervoer ik een vreselijke spanning en een druk op mijn hoofd waardoor ik niet meer kon studeren. 

Vanaf die tijd bleef ik problemen houden. Zo af en toe ging ik weer in trance. Ook begon ik nachtmerries te krijgen en ik kreeg nieuwe lichamelijke klachten. In een bepaalde nacht werd ik wakker met een helse pijn in mijn borst waardoor ik niet meer normaal in een stoel kon zitten. Ik heb in die tijd maanden op bed gelegen. Toen schreef ik mijn nood aan de goeroe, die een “blessingspacket”, een kaartje met ingestraalde energie, stuurde om op mijn borst te leggen. (Het is dezelfde methode die Jomanda nu gebruikt.) Toen had ik een wonderbaarlijke ervaring van genezing! Ik was zo blij. Ondanks alles was ik afgestudeerd en nu kon ik met mijn werk beginnen. Ik had een baan gekregen aan de universiteit.

Maar mijn vreugde duurde niet lang. Na een paar maanden begon de ellende opnieuw en nu kwam er overal pijn en spanning in mijn lichaam. Het werd nog erger dan eerst. Ik had het gevoel tegen een kracht te moeten opboksen die sterker was dan ikzelf. Met ups en downs heb ik zo jarenlang voortgetobd.

Ik kreeg een paranormale genezer op mijn weg die me wilde helpen, want hij kon energie overdragen. Dat was een gave die hij volgens zijn zeggen uit een vorig leven had meegekregen. Ik heb toen weer hetzelfde ervaren. Na een behandeling ging het eerst beter, maar daarna begon de ellende opnieuw en werd het nog erger totdat ik tot de conclusie kwam: ik word er alleen maar slechter van. Hoe er ten slotte een ommekeer kwam, daarover in een volgend hoofdstuk.

 

Natuurlijk, ieder verhaal is weer uniek en lang niet iedereen die zich in de alternatieve paranormale wereld begeeft, hoeft gelukkig zulke pijnen te doorstaan. Maar men heeft er altijd een prijs voor te betalen.

 

De Bijbel

 

Ik heb aan den lijve ervaren dat er duistere machten bestaan. De waarschuwingen die in de Bijbel staan, zijn niet het product van een bekrompen denken uit voorbijgegane tijden, maar zijn in onze tijd hoogst actueel. Jezus zelf waarschuwde voor bedrieglijke wonderen en tekenen.

New Agers geven, zoals we hebben gezien, als criterium aan dat hun geleidegeesten van een hoog niveau zijn en lichtwezens zijn, dus goede geesten zijn. Toen ik een gesprek met Jomanda had, vroeg ik haar: “Hoe weet je dat je contact hebt met goede geesten?” Ze antwoordde: “Ze zijn van een heel hoog niveau.” Maar ik antwoordde: “Jomanda, dat zegt niets. De Bijbel leert dat de duivel van een heel hoog niveau is.” Daarop werd ze vreselijk kwaad. Ik wilde simpel duidelijk maken dat er in de Bijbel wordt gewaarschuwd dat dit beslist geen afdoende criterium is. De satan is een hooggeschapen engel en Paulus waarschuwt dat hij zich kan voordoen als een engel van het licht. “Zelfs Satan vermomt zich als een engel van het licht” (2 Kor. 11:14). De satan kan ook wonderen doen. Satan imiteert de wonderen van God. Een voorbeeld van deze imitatie vinden we in Exodus 7.

“Toen Mozes en Aäron bij de farao kwamen, voerden ze de opdracht van de Heer uit. Aäron gooide zijn stok neer voor de farao en zijn hofdienaren en die veranderde in een slang. Maar de farao riep op zijn beurt de wijze mannen en de tovenaars bij zich; deze Egyptische magiërs waren in staat met hun toverkunsten hetzelfde te doen. Zij gooiden hun stokken op de grond en die veranderden ook in slangen. Maar de stok van Aäron verslond die van hen” (Ex. 7:10-12).

Zoals we hebben gezien was prof. Tenhaeff van mening dat heiligen en de vroomste zonen der kerk nauwkeurig dezelfde verschijnselen hebben bewerkstelligd als de heksen en tovenaars. Inderdaad leek het wonder dat Aäron verrichtte, precies op de toverij van de Egyptische magiërs. Alhoewel ze op het eerste gezicht dezelfde wonderen deden, kwam het wonder van beide partijen echter uit een andere bron. Mozes en Aäron deden een wonder vanwege God. Maar de Egyptische tovenaars deden hun teken door contact met hun afgoden. En dat waren duidelijk andere machten, want de stok van Aäron verslond die van de tovenaars. God laat hier zien dat Hij de Overwinnaar is en dat Hij sterker is dan de afgodische demonische machten. Jezus waarschuwt ook, zoals we hebben gezien, dat mensen onder invloed van een satanische geest grote tekenen en wonderen kunnen doen (zie Matt. 24:24).

 

De satan heeft ziekte en verderf in de wereld gebracht. Een bekend voorbeeld hiervan is het lijden van Job. God had de satan de toestemming gegeven om Job op de proef te stellen. Overdekt met zweren zat Job op de mesthoop.

“Satan ging weg en sloeg toe. Job werd van top tot teen bedekt met etterende zweren. Hij ging buiten de stadspoort zitten, midden in het stof en vuil, en krabde zich met een scherf” (Job 2:7v.).

Zo erg was Job eraan toe. Hij was door het toedoen van de satan dusdanig toegetakeld dat zijn vrienden hem niet eens meer konden herkennen. Deze waren er zo van ondersteboven dat “zij bij hem zeven dagen en nachten lang op de grond zaten zonder een woord uit te brengen, want ze zagen hoe vreselijk hij moest lijden’ (Job 2:13). Dit was het gruwelijke werk van de satan. Jezus spreekt bij een bepaald ziektegeval heel concreet over een binding aan de satan.

“Eens op een sabbat gaf Jezus in een synagoge onderricht. Nu was daar een vrouw die door een duivelse geest al achttien jaar ziek was: ze liep helemaal krom, ze kon haar hoofd niet opheffen. Toen Jezus haar zag, riep Hij haar toe: ‘Vrouw, u bent van uw ziekte verlost!’ Hij legde haar de handen op en meteen richtte ze zich op en begon God te prijzen. Maar de synagogebestuurder was boos, omdat Jezus iemand op sabbat had genezen. ‘Er zijn zes dagen waarop we moeten werken!’ zei hij tegen de mensen. ‘Kom dan niet juist op sabbat om genezen te worden!’

‘Huichelaars!’ antwoordde de Heer. ‘Ieder van u maakt toch ook op sabbat zijn os of ezel van de voederbak los om hem te drinken te geven? Maar je zou op sabbat niet deze dochter van Abraham mogen verlossen van de boeien waarmee satan haar nu al achttien jaar gevangen houdt?’” (Luc. 13:10-16).

De satan kan de mens ook geestelijk ziek maken. Job werd gekweld door innerlijke onrust.

“Ik heb rust noch duur, ik word gekweld door talloze vragen” (Job 3:26).

Dit is ook een groot probleem in onze tijd. De satan kan zelfs een mens bezeten of krankzinnig maken. De mens kan daarbij zijn of haar menselijkheid verliezen en tot een beest worden.

“Nauwelijks was Jezus de boot uit, of daar kwam van de begraafplaats iemand op hem af die in de macht van een onreine geest was en in de grafspelonken woonde. Niemand kon hem meer vastbinden, zelfs niet met kettingen. Al vaak hadden ze hem aan handen en voeten gebonden, maar telkens was het hem gelukt zijn boeien te verbreken en zijn ketting stuk te trekken. En niemand was sterk genoeg om hem te overmeesteren. Dag en nacht zwierf hij rond tussen de graven en over de heuvels. Hij stootte allerlei kreten uit en sloeg zichzelf met stenen” (Marc. 5:1-5).

Zo kan de satan de mens alle mogelijke ellende aandoen.

 

Maar de satan kan ook schijnbaar de mens geluk geven en genezingswonderen verrichten. Dan vragen we ons af hoe dat kan. Het werk van de duivel associëren we met dood en vernietiging, maar genezing? We moeten beseffen dat de satan van oorsprong niet slecht was. Hij was een hooggeschapen engel. Als een van de hoogste engelen heeft hij van God beslist grote gaven en krachten meegekregen. De kracht en energie die hij van God heeft gekregen, gebruikt hij nu echter ten kwade, om mensen aan zich te binden. Omdat het van oorsprong om een kracht van God gaat, kan hij tot op zekere hoogte de wonderen van God, ook genezingen, imiteren. Hij kan je ook inspireren tot mooie kunst en tot het schrijven van boeiende boeken. Als je hem maar wilt… aanbidden kan hij je ook rijkdom geven en macht. En zo verzocht hij Jezus:

“Ten slotte bracht de duivel Hem op een heel hoge berg en liet hij Hem alle koninkrijken op de wereld zien met al hun pracht. En hij zei: ‘Dit alles zal ik U geven, als U voor mij neerknielt en mij aanbidt!’” (Matt. 4:8-9).

Als je je met satanische machten verbindt, kan je méér doen dan in het normale geval. In het N.T.  hebben we bijvoorbeeld hierboven gelezen dat een bezeten man in staat was om ijzeren ketenen te verbreken. Dit kunnen we met onze normale energie niet doen. Die man had extra kracht gekregen door een boze geest.

Het kan in het begin zo mooi lijken. Het lijkt erop dat we er beter van worden en gaven ontvangen, maar het einde is bitter. De duivel is er op uit de ziel aan zich te binden en mee in de hel te nemen. Dat hoef je in het begin nog niet door te hebben. Want de duivel kan komen als een engel van het licht, zoals we hebben gezien. Onthoud dit: demonen beginnen goed. Pas later ga je ontdekken dat je door hen bedrogen bent.

 

Gevolgen

 

Vroeger, toen ik naar India ging, was ik nog jong en naïef. Ik had er geen idee van dat kwade machten je inderdaad te pakken kunnen nemen. Zo zijn er in onze tijd veel mensen die zich in de paranormale wereld begeven zonder zich van de gevaren bewust te zijn. Soms komen mensen er pas op hun sterfbed achter dat ze door de duivel beetgenomen zijn. Rolf Wennekes heeft T.M.-leraren meegemaakt die opstandig, angstig en onzeker gestorven zijn.

Vaak bemerken mensen al na enige tijd dat ze gebonden zijn: ze krijgen last van psychische klachten zoals angsten, depressies en…  zelfmoordneigingen. Je hoofdpijn mag eerst wel genezen zijn, maar na enige tijd komen de klachten terug en vaak nog erger, of ze worden psychisch van aard. Het ergste effect is nog dat er een geestelijke blokkade ontstaat, waardoor men niet meer in Jezus Christus kán geloven. Men is gebonden geraakt; en in het ergste geval raakt men bezeten zoals de man in het Evangelie van Marcus. Dan is men helemaal in de macht van de satan.

 

 

 

 

 

Simon de tovenaar

 

Laten we nog een keer nagaan waar we op moeten letten als we met iemand in aanraking komen die een engel heeft gezien of mensen kan genezen, om te weten of die gave of ervaring wel uit God is. We hebben hierboven de volgende principes geleerd.

  1. Een valse geest herkent men aan de hoogmoed.
  2. De satan brengt het Evangelie, Gods blijde Boodschap, in diskrediet.
  3. De satan imiteert de wonderen van God. Op het eerste gezicht kan het dus een echt en positief wonder lijken. 
  4. Maar de satan vraagt een hoge prijs: we raken gebonden en gaan het verderf tegemoet. Aan de uiteindelijke vruchten herkent men de boom.

 

We hebben gezien dat er volgens prof. Tenhaeff geen verschil is tussen de wonderen die de apostelen deden en de toverkunsten van Simon de tovenaar, die in Samaria woonde. Het zou in beide gevallen gaan om het praktiseren van algemeen menselijke vermogens. In de Bijbel wordt er echter gewag gemaakt van een geestelijke strijd tussen de apostel Petrus en Simon de tovenaar. Als Petrus en Simon met hetzelfde bezig waren geweest, was die strijd er niet geweest. Die strijd is alleen te verklaren, als er werkelijk een botsing van geesten heeft plaatsgevonden.

Laten we zien of we de hierboven genoemde kenmerken van de bedrieglijke tekenen van de satan in het verhaal over Simon de tovenaar kunnen herkennen. Als volgt luidt het verhaal:

“Degenen die verjaagd waren, trokken van plaats tot plaats en brachten de boodschap van het evangelie. Zo kwam Filippus in de stad Samaria en daar verkondigde hij de Christus. De mensen die hem hoorden en ook de wonderen zagen die hij deed, kregen groot vertrouwen in wat hij te zeggen had. Want onreine geesten gingen luid schreeuwend uit veel bezetenen weg, en vele verlamden en kreupelen werden genezen. In de stad was de vreugde groot.

Nu was een zekere Simon daar al enige tijd bezig met toverij, en hij had de bevolking van Samaria versteld doen staan. Hij beweerde iemand met bijzondere betekenis te zijn en iedereen, van groot tot klein, had het grootste vertrouwen in hem. ‘Dit is nu wat men noemt de grote kracht van God,’ zeiden ze. De mensen hadden zoveel vertrouwen in hem, omdat hij al geruime tijd hen van zijn toverkunsten versteld had doen staan. Maar toen Filippus het grote nieuws verkondigde over het koninkrijk van God en over Jezus, de Christus, kwamen ze tot geloof en lieten zich dopen, mannen zowel als vrouwen. Ook Simon kwam tot geloof en na zijn doop week hij niet van de zijde van Filippus, en hij stond versteld van de wonderen die hij zag gebeuren, tekenen van grote macht. De apostelen in Jeruzalem vernamen, dat Samaria het woord van God had aangenomen en ze stuurden Petrus en Johannes naar de Samaritanen toe. Nadat die daar aangekomen waren, baden ze voor hen dat zij de heilige Geest mochten ontvangen... Toen Simon zag dat door de handoplegging van de apostelen de Geest werd geschonken, gaf hij de apostelen geld en zei: ‘Geef mij ook die macht, dat, als ik iemand de handen opleg, hij de heilige Geest ontvangt’” (Hand. 8:4-21).

 

Uit dit verhaal leren we dat er diverse aanwijzingen zijn waarom de wonderen die Simon deed, niet van God kwamen.

  1. Simon had een geest van hoogmoed. Hij beweerde een heel bijzonder mens te zijn. Hij werd zelfs “de grote kracht van God” genoemd. Hij meende goddelijk te zijn.
  2. Dat het met zijn geloof niet in orde was en hij niet recht voor God stond, merken we later in het verhaal. Hij wilde namelijk voor geld de gave van de Heilige Geest kopen. Zo verdraaide hij het Evangelie. (Dat noemt men nu nog steeds “simonie”!)
  3. Hij deed ook wonderen, de mensen waren zelfs verbijsterd over zijn kunsten, maar hij kon toch niet alles wat de apostelen deden. Zijn “wonderen” waren een imitatie van de echte wonderen van God.
  4. Hij maakte de mensen niet vrij, maar bond hen aan zijn eigen persoon. Iedereen hield zich aan hem. Toen de apostelen in de stad kwamen, kwam er vreugde. Die vreugde was er dus voordien niet. Toverkunsten geven geen echte vreugde. Integendeel, de sfeer wordt er bedrukt door. Het Evangelie bracht werkelijk bevrijding in de stad.

 

In een oudchristelijk geschrift, de Recognitiones van Clemens, lezen we meer over de strijd tussen Petrus, die ook naar Samaria was gekomen, en Simon de tovenaar. Simon beweerde dat hij de geest van een dode – een jongen die met geweld om het leven was gekomen – had opgeroepen. Hij hield zich dus met spiritisme bezig. Deze geest zou hem bij zijn werk helpen. Petrus onderkende dat Simon door demonen werd bedrogen. Het is niet waar dat het bij zijn toverkunsten om een algemeen menselijk vermogen ging. Hij werd bijgestaan door een geest, naar alle waarschijnlijkheid een demon.

Hij voelde zich heel bijzonder, hij meende een kracht te hebben die zelfs boven de kracht van God uitging. Zijn lichaam was zo vervuld van die goddelijke kracht dat hij meende lichamelijk onsterfelijk te zijn. Verder beweerde hij o.a. dat hij zichzelf onzichtbaar kon maken, en dat hij een jongen uit lucht had geschapen. Het oude verhaal vertelt ook dat Simon de tovenaar naar Rome ging en daar de mensen in verwarring bracht. Daarom is Petrus ook naar Rome toegegaan. Simon meende ook te kunnen vliegen en ten slotte is hij te pletter gevallen. “Let op hun einde” zegt een psalm over het lot van de goddelozen.

 

Jezus heeft nooit zulke “wonderen” gedaan. Hij wilde niet, om zijn honger te stillen, als een tovenaar uit stenen brood maken. We hebben wel degelijk onderscheid te maken tussen echte wonderen van God en toverkunsten van de satan.



[1]  Irene van Lippe-Biesterfeld. Dialoog met de natuur, Deventer: Ankh-Hermes, 1995,  p. 43.

[2]  Paranormale krant, augustus 1999.

[3]  John Klimo. Channeling,  Den Haag: Mirananda, 1989, p. 339.

[4] Piet Schelling. Jomanda, heks of heilige?, Kampen: Kok, 1995, p. 42.

[5]  Rolf Wennekes. Tussen wetenschap en mystiek, Kampen: Kok, p.103.

[6]  dr. W.H.C. Tenhaeff. Magnetiseurs, somnambulen en gebedsgenezers, Den Haag: Leopold, 1980, p. 233.

[7] M. Basilea Schlink. De onzichtbare wereld van engelen en demonen, Hoornaar: Gideon, p. 120.

[8] David Spangler. Reflections of the Christ, Findhorn, p., 36-39.

[9] H. van Praag. Parapsychologie en occultisme, Meulenhoff, 1975, p. 77,81.

[10]  Sanaya Roman en Duane Packer. Contact met je gids, Deventer: Ankh Hermes, 2001, p.46,47.

[11]  Ursula Roberts. Alles over mediumschap, Amsterdam: Bres, 1998, p. 67.

[12]  Contact met je gids, p. 154.

[13] Channeling, p. 278.